Volg je Hart - oordelen Afdrukken E-mail

Door te oordelen ontneem je jezelf vaak de mogelijkheid om je hart te volgen. Bijvoorbeeld iemand belt je op en vraagt of je mee wilt naar een nieuw museum, waarop je automatisch antwoord: 'ik houd niet van moderne kunst'. Als je kritisch naar je oordelen kijkt zul je zien dat ze doorgaans zeer discutabel zijn. Meestal zijn ze gebaseerd op iets wat je ooit bedacht, gehoord of gelezen hebt en waarmee je het toen, in die situatie eens was. Maar toch beschouwen we onze oordelen vaak als onomstotelijke waarheden die in elke situatie van toepassing zijn en die we vaak zelfs met hand en tand tegen andersdenkenden willen verdedigen ! Bijvoorbeeld: 'ik vind democratie goed'. Of: 'vlees eten is ongezond'. Het lijkt wel alsof we aan onze oordelen onze identiteit en ons bestaansrecht ontlenen.

Van sommige oordelen, zoals bijvoorbeeld 'ik vind zwarte mensen lui', is het voor de meeste mensen wel duidelijk dat ze generaliserend en niet constructief zijn. Maar andere oordelen zijn subtieler. Bijvoorbeeld 'ik houd niet van worteltjes'. Hebben we allemaal niet de ervaring dat je dingen als kind niet lustte en er op latere leeftijd achter kwam dat ze eigenlijk prima te eten waren (terwijl je eigenlijk nog steeds dacht dat je ze niet lustte) ? En zo is het eigenlijk met alle oordelen.

In het ideale geval sta je gewoon op elk moment helemaal open voor wat er op je afkomt en reageer je op een natuurlijke, vloeiende wijze. Zonder angst en zonder verwachtingen, er op vertrouwend dat je 'het juiste' doet. Je volgt als het ware de natuurlijke loop der dingen, zonder je door je oordelen te laten belemmeren.

Dit wordt heel mooi verduidelijkt in het volgende verhaal:

Er was eens een boer die al het geld wat hij bezat uitgaf aan een heel kostbaar paard. De andere mensen in het dorp lachten hem uit: 'Waarom zou je al je geld in één paard steken ? Als het gestolen wordt of dood gaat heb je niets meer !'
Het paard werd niet gestolen en ging niet dood maar helaas ontsnapte het en rende weg. 'Zie je wel', zeiden de dorpsbewoners, 'dwaas dat je er bent. Je had je belangen moeten spreiden; niet zoveel eieren in een mandje moeten doen. Nu heb je niks meer. Wat ben je toch ongelukkig.'
De boer, een wijs man, antwoordde: 'Zeg niet dat ik ongelukkig ben. Zeg enkel dat mijn paard er niet meer is. Dat is een feit. We weten nooit wat er in de toekomst gaat gebeuren'.
De volgende dag keerde het paard terug met een hele kudde wilde paarden achter zich aan. De dorpsbewoners riepen uit 'Je hebt gelijk ! Kijk eens hoe gelukkig je bent !'
Maar de boer antwoordde: 'Je kunt niet weten of dit een geluk of een ongeluk is. We kennen nog niet het hele verhaal. Zeg alleen dat we meer paarden hebben dan hiervoor'.
De boer liet zijn enige zoon de paarden temmen. Het ging hem goed af maar op een dag kwam de zoon ten val en brak hij zijn been. De dokter zei dat hij voor de rest van zijn leven kreupel zou zijn. Opnieuw betreurden de dorpsbewoners zijn ongeluk maar weer vroeg de boer hen zich van een oordeel te onthouden.
Kort daarna brak er een oorlog uit in het land en alle jonge mannen werden opgeroepen voor de strijd. Alleen de zoon van de boer werd achter gelaten. De strijd was zwaar en de meeste zonen sneuvelden. 'Je had weer gelijk boer', zeiden de dorpsbewoners. Waarop de boer uitriep: 'Jullie gaan maar door, dit beoordelend, dat beoordelend. Wie denken jullie wel dat jullie zijn ?! Hoe denken jullie te kunnen weten hoe de dingen zullen lopen ?'

 

Image 

Stuur dit artikel door...