De boer en de dorpelingen

Er was eens een boer die enkel een kostbaar paard bezat. Alle dorpelingen lachten hem uit. 'Waarom zou je al je geld in een paard steken ? Als iemand het steelt heb je niets meer.'

Het paard werd niet gestolen maar helaas rende het weg. 'Dwaas die je bent,' zeiden de dorpelingen, 'je had je belangen moeten spreiden; niet al je eieren in één mand moeten doen. Nu heb je niets meer. Wat ben je toch ongelukkig !' De boer, een wijs man, antwoordde: 'zeg niet dat ik ongelukkig ben. Zeg enkel dat mijn paard er niet meer is. Dat is een feit. We weten niet wat er in de toekomst gaat gebeuren.'

En waarachtig, de volgende dag kwam het paard terug, met een kudde wilde hengsten. De dorpelingen riepen uit: 'Je hebt gelijk ! Kijk eens hoe gelukkig je bent !' Waarop de boer antwoordde: 'Je kunt helemaal niet weten of dit een geluk of een ongeluk is. We kennen nog niet het hele verhaal. Zeg enkel dat we meer paarden hebben dan hiervoor.'

De boer liet zijn enige zoon de wilde hengsten temmen. Maar op een dag kwam de zoon hierbij ten val en brak zijn been. Er kwam een dokter bij die verklaarde dat de zoon voor de rest van zijn leven kreupel zou zijn. En weer betreurden de dorpelingen het ongeluk van de boer, waarop deze hen opnieuw vroeg zich van een oordeel te onthouden.

Kort daarop brak er in het land een oorlog uit en alle jonge zonen werden opgeroepen voor de strijd. Enkel de zoon van de boer werd achtergelaten. De strijd was zwaar en de meeste zonen sneuvelden.
'Je had weer gelijk boer,' zeiden de dorpelingen. En de boer riep: 'Jullie gaan maar door, dit beoordelend, dat beoordelend. Wie denken jullie wel dat jullie zijn dat jullie de wijsheid in pacht hebben ? Hoe denken jullie te kunnen weten wat de lessen zijn die het leven ons wil leren.. ?

Image

Stuur dit artikel door...